Module 2 Nederlanders op vakantie

Views:
 
Category: Education
     
 

Presentation Description

No description available.

Comments

Presentation Transcript

Module 2 – Nederlanders op vakantie : 

Module 2 – Nederlanders op vakantie

absolute afstand : 

absolute afstand werkelijke afstand tussen twee plaatsen gemeten in kilometers.

accommodatie : 

accommodatie de overnachtingsmogelijkheden zoals hotels, appartementen, bungalowparken en campings.

attractiepunten : 

attractiepunten een plaats die zeer aantrekkelijk is voor toeristen.

bereikbaarheid : 

bereikbaarheid het gemak waarmee je op een plaats kunt komen.

binnenlands toerisme : 

binnenlands toerisme toerisme in het eigen land.

binnenrecreatie : 

binnenrecreatie vrijetijdsbesteding in een gebouw.

cultuur : 

cultuur aangeleerde gewoonten en gebruiken van een volk: wat de mensen denken, doen en hebben.

cultuurlandschap : 

cultuurlandschap landschap dat vooral door mensen is gevormd.

duurzaam toerisme : 

duurzaam toerisme door het nemen van maatregelen het toerisme zo regelen dat de nadelen voor zowel toerist als toeristengebied worden weggenomen.

elitetoerisme : 

elitetoerisme toerisme op plaatsen waar de massa niet komt. Bijvoorbeeld omdat het er duur en zeer bijzonder is.

geografisch beeld : 

geografisch beeld een zo objectief mogelijk beeld van een gebied.

imago : 

imago het beeld of de voorstelling die mensen hebben van iets of iemand.

inkomend toerisme : 

inkomend toerisme in het geval van Nederland: buitenlandse toeristen die Nederland bezoeken.

infrastructuur : 

infrastructuur het hele stelsel van bovengrondse verbindingen (wegen, havens, spoorwegen) en ondergrondse verbindingen (kabels, leidingen).

manipulatie : 

manipulatie het toepassen van kunstgrepen, meestal om iemand te bedriegen.

massatoerisme : 

massatoerisme grote aantallen mensen zijn tegelijkertijd in een gebied op vakantie.

mobiliteit : 

mobiliteit het gemak waarmee iemand zich verplaatst.

objectieve informatie : 

objectieve informatie gegevens die gebaseerd zijn op feiten, niet beïnvloed door eigen gevoel of door vooroordelen.

openluchtrecreatie : 

openluchtrecreatie vrijetijdsbesteding in de buitenlucht.

pullfactoren : 

pullfactoren de voordelen van een gebied die als een magneet werken. Ze worden ook wel pluspunten genoemd.

pushfactoren : 

pushfactoren de nadelen van een gebied die afstotend werken. Ze worden ook wel minpunten genoemd.

recreatie : 

recreatie vrije tijd voor plezier en ontspanning.

recreatiedruk : 

recreatiedruk mate van belasting voor een gebied door het aantal aanwezige recreanten.

regionale complementariteit : 

regionale complementariteit als het ene gebied heeft wat het andere mist, dan vullen ze elkaar goed aan. Nederland heeft bijvoorbeeld geen bergen, Zwitserland wel. Omgekeerd heeft Zwitserland geen zee. Nederland wel.

regionale ongelijkheid : 

regionale ongelijkheid onrechtvaardige verschillen tussen gebieden in welvaart en in welzijn.

relatieve afstand : 

relatieve afstand afstand gemeten in de tijd, kosten en moeite, nodig om de werkelijke afstand te overbruggen.

ruimtelijk gedrag : 

ruimtelijk gedrag voor alles wat mensen doen is ruimte nodig. Het ruimtelijk gedrag van mensen wordt bepaald door de wensen en het beeld dat mensen van de omgeving hebben.

ruimtelijke inrichting : 

ruimtelijke inrichting de manier waarop een gebied, een stad of dorp is opgebouwd.

ruimtelijke ordening : 

ruimtelijke ordening het zo goed mogelijk op elkaar afstemmen van de wensen van de samenleving en de mogelijkheden van ruimte en omgeving.

ruimtelijke spreiding : 

ruimtelijke spreiding de manier waarop mensen en verschijnselen over het landschap zijn verspreid.

seizoenwerkloosheid : 

seizoenwerkloosheid gedurende een deel van het jaar geen werk hebben.

stuwende bedrijfstak : 

stuwende bedrijfstak een bedrijfstak die zeer belangrijk is voor de werkgelegenheid (direct en indirect) en de welvaart in een gebied.

subjectieve informatie : 

subjectieve informatie gegevens die beïnvloed zijn door eigen gevoel of door vooroordelen; niet gebaseerd op feitelijke kennis.

toerisme : 

toerisme voor je ontspanning op reis gaan; meestal buiten de eigen woonplaats.

toeristenbalans : 

toeristenbalans de optelsom van inkomsten en uitgaven voor toerisme. De toeristenbalans wordt ook wel reisbalans genoemd.

toeristische infrastructuur : 

toeristische infrastructuur toeristische voorzieningen zoals souvenirwinkels, pretparken, restaurants, musea, extra busverbindingen en dergelijke.

uitgaand toerisme : 

uitgaand toerisme in het geval van Nederland: Nederlandse toeristen die naar het buitenland gaan. Ook wel buitenlands toerisme genoemd.

wadden : 

wadden deel van de waddenzee dat droogvalt bij laagwater. Het hele waddengebied bestaat uit een aantal eilanden, de waddenzee en de droogvallende wadden.

wetlands : 

wetlands waardevolle natuurgebieden met veel water die beschermd worden tegen de nadelen van massatoerisme, verkeer, olie- en gaswinning en industrie.

authorStream Live Help