Vrouwen van Mars, mannen van Venus

Views:
 
Category: Entertainment
     
 

Presentation Description

No description available.

Comments

Presentation Transcript

slide 1:

www.tijdschriftvoorseksuologie.nl Tijdschrift voor Seksuologie 2011 35 154-160 Vrouwen van Mars mannen van Venus Thomas Wormgoor Transvisie Schorer Amsterdam Mr.drs. Th. Wormgoor jurist en ontwikkelingspsycholoog Correspondentieadres: Postbus 15830 1001 NH Amsterdam T: 020 5739444 E: t.wormgoortransvisie.nu. Dit artikel voldoet niet geheel aan de criteria van wetenschappelijke publicatie maar de redactie heeft gemeend deze problematiek wel in dit themanummer op te nemen vanwege het belang en om meningvorming te bevorderen. De auteur geeft suggesties voor verdiepende literatuur. Ontvangen: 17 mei 2011 Geaccepteerd: 18 juni 2011 W ie als man is aangegeven bij de burgerlijke stand en zich altijd man heeft gevoeld kan zich verwonderen over culturele opvattin- gen over mannelijkheid en vrouwelijkheid. Hij kan de vrijheid opeisen hier een andere invulling aan te geven wat niet altijd positief zal worden gewaar- deerd maar hij kan zich niet voorstellen hoe de we- reld is voor degene die als man is geregistreerd maar zich vrouw – of althans geen man - voelt. Dit artikel gaat in op deze ruimtereizigers. Het is geschreven op basis van de tekst die door de auteur is uitgesproken op het NVVS symposium van 10 december 2010. Thomas Wormgoor is coördinator van Transvisie Schorer waar men aanvullende psy- chische zorg biedt aan kinderen met genderdysfore gevoelens en volwassen transgenders en de naasten van beide groepen. Hij is ontwikkelingspsycholoog en ervaringsdeskundig namelijk een transseksuele man. Deze tekst is gebaseerd op de persoonlijke en professionele ervaringen van de auteur. Ik ga er van uit dat zich onder de mensen die hulp zoeken bij een seksuoloog relatief veel mensen be- vinden die te maken hebben of hadden met gender- dysforie. Lang niet altijd zullen zij de incongruentie tussen de gevoelde genderidentiteit en de genderiden- titeit die de buitenwereld waarneemt kunnen of dur- ven te verwoorden. Het zoeken naar de betekenis van gevoelens van onvrede met en verwarring over het lichaam over de seksuele beleving over het man- of vrouw-zijn en over het maatschappelijk functioneren kan vele jaren vergen. Een puzzeltocht die meestal in eenzaamheid en zonder handleiding wordt onder- nomen. In dit artikel worden enkele puzzelstukjes aangereikt en toegelicht met de bedoeling dat seksu- ologen cliënten met genderdysfore gevoelens eerder herkennen en hen een hand kunnen reiken. Vooraf: woordkeuze In 2010 was er een primeur bij de jaarlijkse botenop- tocht door de Amsterdamse kanalen in het kader van Gay Pride: voor het eerst voer er een transgenderboot mee. Op deze boot werd onder andere de volgende leuze gevoerd: Wat je bent zeg je zelf Een krachtige tekst maar het is dan wel fjn als iedereen verstaat wat je zegt. Taalgebruik en woordkeuze zijn van het grootste belang wanneer ze uitdrukking moeten ge- ven aan de als fundamenteel ervaren identiteit. Te- gelijkertijd is taal vluchtig en veranderlijk zeker op dit gebied waar een sterke emancipatieslag aan de gang is. Ik gebruik in dit artikel waar het kan de term genderdysforie in de volgende betekenis. Wanneer het gevoel man of vrouw te zijn niet samenvalt met de biologische gegevens spreken we van genderdys- forie een algemene term voor incongruentie tussen Samenvatting In dit artikel worden handvaten aangereikt voor seksuologen in de praktijk die te maken krijgen met een genderdysfore cliënt. De auteur acht het van groot belang te beseffen wat opgroeien met genderdysforie kan betekenen voor de lichaams- en seksualiteitsbeleving van een mens.

slide 2:

de innerlijk beleefde en de manifeste biologische sexe. Daarnaast gebruik ik soms ‘transgender’ als al- gemene term voor personen die nu of in het verle- den genderdysfore gevoelens hebben of hadden. Transgender is dan een parapluterm voor transsek- suelen crossdressers en ‘transgenders in enge zin’. Transseksuelen zijn degenen die de genderidentiteit hebben van de andere sekse dan bij hun geboorte vastgesteld. V elen van hen kiezen voor een geslachts- aanpassende behandeling. Velen noemen zich na de behandeling niet meer transseksueel of transgender. Dit wetend spreek ik in dit artikel voor de helderheid over transseksuele vrouwen en transseksuele mannen als ik personen bedoel die respectievelijk van man naar vrouw of van vrouw naar man zijn gegaan. Het geslachtsveranderende proces zal ik meestal aandui- den met ‘transitie’. Crossdressers zijn degenen die een sterke innerlijke drang hebben om af en toe ver- kleed te zijn als het andere geslacht. Wij weten dat dit een grote groep is en dat deze personen zich vaak jarenlang en voor de buitenwereld verborgen omkle- den. Niet zelden hebben degenen die zich uiteindelijk melden voor een geslachtsaanpassende behandeling eerst jarenlang aan crossdressing gedaan. Met trans- genders in enge zin worden degenen die zich noch man noch vrouw voelen bedoeld. Zij komen nauwe- lijks voor in dit artikel hoewel zij vaak een nog een- zamere weg gaan en grote moeite hebben uitdrukking te geven aan hun gevoelens op een manier die door de buitenwereld wordt herkend en bevestigd. Puzzelstuk 1. Opgroeien met genderdysforie - algemeen Gevoelens van genderdysforie ontstaan in de vroe- ge jeugd: je bent een meisje maar voelt je jongen of omgekeerd. Opgroeien met genderdysforie betekent een finke ontwikkelingsuitdaging. Sommige mensen zijn zich er min of meer van bewust dat zij bij de an- dere sekse willen horen en dat dit niet kan of mag anderen hebben vooral een onbenoemd gevoel van anders-zijn en er niet bij horen. De gevolgen voor de ontwikkeling en het zelf- beeld zijn bekend en komen in verschillende grada- ties voor: - Niet begrepen voelen onzichtbaar willen zijn slecht contact maken in ernstige vorm ontwikke- len van angststoornissen of depressies - Een slecht contact met het eigen lichaam éénzij- dige cognitieve ontwikkeling in ernstige vorm zelfverwaarlozing automutilatie etc. - Overcompenseren door juist de kenmerken van het biologische geslacht te accentueren. Dit gaat vrijwel altijd gepaard met een negatief zelfbeeld en wanhoop in ernstige vorm suïcidaliteit en de- pressie. Puzzelstuk 2. Opgroeien met genderdysforie – niet begrepen voelen Opgroeien met genderdysforie is bijna altijd opgroei- en met schaamte. Schaamte voor de eigen gevoelens en gedachten. Schaamte voor de keren dat men ver- keerd begrepen werd en voor de afkeuring die werd ervaren over hoe men zich gedroeg of kleedde. Een jong kind dat zeer duidelijk het gedrag van de ‘andere’ sekse vertoont verbaal of non-verbaal aangeeft daarbij te willen horen en lijdt onder het besef dat dit niet kan of mag en dat van de ouders en overige omgeving begrip voelt en ruimte krijgt om deze gevoelens te uiten groeit niet op met een geheim en zal niet sterk door angst en schaamte worden be- paald. Gelukkig zijn er tegenwoordig genderdysfore kinderen in Nederland die zo opgroeien zie o.a. de Vries 2010. Wij hebben het hier echter over dege- nen die deze ruimte niet hadden. Bijvoorbeeld over de transseksuele vrouw die zichzelf nog heel goed herinnert dat hij op de rand van het schoolplein staat en niet weet met welke kin- deren hij in vredesnaam zou kunnen spelen. Waar hoorde hij bij Het ‘jongetje’ heeft dit dilemma niet op kunnen lossen en een schoolloopbaan gehad waar- bij hij zo intens gepest werd dat hij uiteindelijk hele- maal niet meer naar school ging en angststoornissen ontwikkelde. Een erfenis waar ze als vrouw nu nog dagelijks tegen vecht. Puzzelstuk 3. Opgroeien met genderdysforie – beperkte lichaamsbeleving Nederland is gewend geraakt aan transseksualiteit in de media en met name de term ‘in een verkeerd lichaam’ doet het erg goed. Veel transgenders staan ambivalent tegenover deze simplifcatie. Men voelt zich gevangen in het lichaam men ervaart hevige ja- loezie op het lichaam van de ‘andere’ sekse maar het lichaam is schuldeloos en kan als zodanig een heel goed lichaam zijn. Toch geeft de uitdrukking misschien nog wel het best weer wat de persoon die opgroeit met genderdysforie voelt. We zien dat mensen die zich nog niet echt bewust zijn van hun genderdysforie of daar geen ruimte aan mogen of durven geven de neiging hebben om het lichaam te verwaarlozen te straffen of zoveel als mo- gelijk te ‘ontgenderen’: - Het genitale gebied of de borsten worden vaak niet of nauwelijks aangeraakt - Het vrouwelijke lichaam wordt afgebeuld of uit- Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160 155

slide 3:

gehongerd met de – al dan niet bewuste – wens dat het vermannelijkt - Het lichaam wordt hygiënisch en medisch zeer slecht verzorgd - Men gebruikt ruimschoots alcohol of drugs - Vetzucht door slechte eetgewoonten maakt het li- chaam minder geprononceerd mannelijk of vrou- welijk - Ook zien we veel seksueel roekeloos gedrag. Het lichaam doet er niet toe. Het wordt gemakkelijk ingezet om geld te verdienen bijvoorbeeld in de prostitutie. Daarbij wordt nogal eens extra risico op HIV en andere soa’s gelopen V eel transseksuelen compenseren hun onvrede met het lichaam en hun ontkenning van lichaamsdelen en –aspecten door hun brein extra te ontwikkelen. Zij concentreren zich volledig op intellectuele uitdagin- gen. Puzzelstuk 4. Opgroeien met genderdysforie – overcompensatie als overleving Wellicht het lastigste aspect van het opgroeien met genderdysforie is dat men zo buitengewoon goed leert om een masker te dragen. De jongen die – vaak door schade en schande – heeft geleerd dat zijn natuurlijke neiging om meisjes- achtig te zijn en bij de meisjes te willen horen wordt afgekeurd ontwikkelt aangepast gedrag als overle- vingsstrategie: hij geeft de buitenwereld waar deze om vraagt. Dat het om een masker gaat om camou- fage is niemand zich bewust. Niet toevallig hebben veel transseksuele vrouwen destijds een duidelijk mannelijk beroep gekozen. Zowel onder crossdressers als onder transseksuele vrouwen vinden we bijvoorbeeld veel vrachtwagen- chaufeurs en ICT-ers. Deze beroepen zijn niet alleen duidelijk mannelijk men heeft in deze beroepen meestal ook niet de hele dag met collega’s te maken. Een bekende overlevingsstrategie voor wie zich niet thuis voelt in een groep. Het meisje dat wordt uitgelachen omdat ze altijd alleen met jongens wil omgaan past zich vaak op een andere manier aan: de wereld ziet een stoer meisje en keurt dat niet af. Nou ze krijgen een stoer meisje Veel transseksuele mannen hebben een lesbisch ver- leden zie ook Puzzelstuk 9. Meestal voelden ze zich allesbehalve stoer maar dat was wel wat de buiten- wereld te zien kreeg. Dit camoufagegedrag is moeilijk af te leren. Er bestaat niets mooiers dan werkelijk samen te val- len met de persoon die je bent maar het is voor veel mensen moeilijk te bereiken. Ik hoor en zie vaak dat transseksuelen ook jaren na hun transitie hier nog mee worstelen. Ze zijn zo gewend te laten zien wat men lijkt te verwachten dat ze zich in verschillende gezelschappen bijvoorbeeld erg verschillend gedra- gen. Of dat ze opnieuw in de valkuil van aangepast gedrag vallen: ze willen de perfecte vrouw of man worden in plaats van zichzelf te zijn. Puzzelstuk 5. Angst voor intimiteit en seksualiteit Onze klinische ervaring is dat een fink deel van de transgenders er in de jeugd helemaal niet aan toe komt om te experimenteren met seks of met intimi- teit. Zoals een transseksuele vriendin het uitdrukt: ik vond dat zoiets intens smerigs het idee om iets met dat lichaamsdeel te doen dat ik er heel ver uit de buurt wist te blijven. Degenen die wel seksuele contacten aangingen slaagden daar vaak in door hun gevoel daarbij zo veel als mogelijk uit te schakelen. De echtgenote van een man die nog maar kort daarvoor met zijn vrouwelijke gevoelens uit de kast was gekomen vertelde: “onze seks was altijd heel erg technisch. Ik vind het mooi dat hij nu aan het ontdekken is dat het fjn is om ge - streeld te worden maar juist nu wil hij eigenlijk geen seksueel contact meer” . Hoe teleurstellend dit ook is voor de partner het is niet onbegrijpelijk: zolang je je gevoelens uitschakelt kun je je lichaam van alles laten doen maar zodra je lichamelijke gevoelens toe gaat laten kun je niet meer verdragen – in dit voorbeeld – om als man seks te hebben. Wij zien vaak dat mensen die beginnen met het transitieproces enerzijds overlopen van vreugde en energie en anderzijds steeds heftiger moeite met het lichaam krijgen en afkeer van sommige activiteiten. Na de transitie is men over het algemeen zeer tevreden en blij met het ‘nieuwe’ lichaam 1 . Dat wil niet zeggen dat men er direct zo mee vertrouwd is dat men zelfverzekerd intieme relaties aan kan gaan: - Lichaamsbesef dat er nooit was wordt langzaam opgebouwd zeker als men daar geen hulp bij krijgt - Het lichaam waar men zelf dolgelukkig mee is hoeft voor een ander niet aantrekkelijk te zijn. Dat 1 Dit is grotendeels een observatie uit eigen ervaring waarbij ik de indruk heb dat de tevredenheid met het aangepaste lichaam niet los gezien kan worden van de beleving van de transitie als zodanig. Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160 156

slide 4:

157 is een universeel gegeven maar kan bij degene die hunkert naar erkenning in de ‘nieuwe’ sekse zo hard aankomen dat men een nieuwe confronta- tie uit de weg gaat - V oor de transseksuele vrouw geldt dat zij soms af moet rekenen met het gevoel geen échte vrouw te zijn omdat zij bijvoorbeeld niet ongesteld kan worden en geen kinderen zal baren. - Transseksuele mannen kunnen worstelen met het gevoel dat hun geslacht er anders uitziet en anders functioneert dan bij een échte man. Puzzelstuk 6. Het goede nieuws Angststoornissen depressie zelfverwaarlozing auto- mutilatie suïcide komen vaak voor in de geschiede- nis van transgenders. Gezien de opgave van opgroei- en met genderdysforie is dat niet verwonderlijk. Tegelijkertijd is dit ook het goede nieuws: veel van de psychische klachten en symptomen verdwijnen of verminderen wanneer genderdysforie serieus geno- men wordt. Van de personen die bij Transvisie komen om uit te zoeken wie ze zijn en wat ze aanmoeten met hun gevoelens hebben de meesten al een traject binnen de GGZ achter de rug. Diagnoses in de hoek van de persoonlijkheidsstoornissen zijn niet zeldzaam. Wan- neer het echt gaat om genderdysforie/transseksuali- teit is de kans groot dat de klachten en symptomen in de loop van de behandeling sterk afnemen of hele- maal verdwijnen. Wat zijn de mogelijkheden om genderdysforie op te heffen Wij denken dat een fysieke geslachtsaan- passing door middel van een medische behandeling hier vaak onontbeerlijk voor is. Dit neemt niet weg dat het niet altijd nodig is om de hele behandeling te ondergaan en dat het vaak nodig is om ook hulp te krijgen bij het psychische transitieproces. Puzzelstuk 7. Geslachtsaanpassing Na de diagnose krijgt een transseksuele man of vrouw hormonen voorgeschreven. Als deze een tijdlang zijn gebruikt en de persoon lijkt zich te kunnen redden in de gewenste geslachtsrol dan komen de geslachts- aanpassende operaties in zicht. Voor man/vrouw transseksuelen gaat het dan in eerste instantie om het verwijderen van de penis het creëren van een vagina en eventueel het uitvoeren van een borstvergrotende correctie. Soms worden na- derhand gelaat- adamsappel- of stembandcorrecties uitgevoerd. Voor vrouw/man transseksuelen gaat het om het verwijderen van de borsten en het maken van een mannelijke torso de baarmoeder en de eierstok- ken en eventueel naderhand het creëren van een ge- slachtsorgaan. Tegenwoordig is er meer vraag naar gedeeltelijke aanpassing. Deze ontwikkeling beschouwen wij als een teken van toenemend zelfbewustzijn van trans- genders. De behandelaars moeten zich nog tot deze ontwikkeling gaan verhouden. Tijdens dit hele traject dat jaren in beslag neemt vindt ook een intensieve psychische transitie plaats: leren accepteren van het lichaam. Gehate onderdelen verdwijnen maar je wordt niet de man of vrouw van je dromen. Jarenlang heeft men zich alleen maar vast kunnen houden aan een fantasieman of -vrouw. Dat de fantasie eindelijk plaats kan maken voor de rea- liteit is zowel een bron van intens geluk als een moei- lijke opgaaf. Men is bijvoorbeeld in de fantasie een jonge gespierde mooie man en in de werkelijkheid een vriendelijke middelbare heer. Deze persoon lijdt niet aan wanen maar kan zich voor het eerst permit- teren in de realiteit te leven. Het moment dat de behandeling echt start is vaak het moment dat het tot de omgeving doordringt dat er geen weg terug is. De partner de kinderen de vrienden de ouders en de collega’s worden gecon- fronteerd met gevoelens van rouw en verlies en kun- nen vaak niet delen in de euforie. Het is niet mak- kelijk om elkaar te blijven vinden in deze periode en niet zelden ontstaan er breuken in de relaties. Wanneer de transgender persoon een relatie heeft ontstaat er een nieuwe situatie ten aanzien van sek- sualiteit. Steeds vaker horen wij van cliënten dat een relatie in stand blijft ondanks de transitie van een partner of dat men zich hier tenminste tot het uiterste voor inzet. Maar niemand weet tevoren welk effect de lichamelijke veranderingen zullen hebben op de seksuele relatie. Puzzelstuk 8. Vragen over seksualiteit Tijdens een workshop voor transseksuele mannen over seksualiteit en intimiteit hebben wij hen onder andere gevraagd op een papiertje te schrijven welke vragen zij hadden. Dit is een selectie van de ingele- verde vragen: - Hoe kun je ervoor zorgen dat je tijdens de seks niet blokkeert loslaten van gedachtes lichaams- deel - Ik ben benieuwd naar iemand die kan penetreren na een phalloplastiek is er gevoel kan je klaarko- men - Hoe zie ik mijzelf als man als ik toch een vagina heb waar vocht uit komt als ik/mijn lichaam opge- wonden is Hoe doen anderen dat Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160

slide 5:

- Zijn bij anderen ook hun normen wat betreft por- no veranderd sinds de testosteron - Hoe kun je penetreren met een dildo en zelf ook genoeg voelen om klaar te komen Deze bloemlezing laat goed de ingewikkelde ver- houding tussen lichaam en geest zien. Er is behoefte aan heel basale informatie over seks bij deze mannen en zeker over seksuele mogelijkheden na genitale ge- slachtsaanpassing. Er zijn sterk gekleurde gevoelens over hoe je als man seks moet hebben vaak geba- seerd op pornobeelden. Maar het lijkt ook te draaien om het niet accepteren van kenmerken van het eigen lichaam en afkeuring van de eigen lichamelijke ge- voelens. Puzzelstuk 9. Seksuele identiteit Vragen naar de seksuele geaardheid van een trans- gender of iemand met genderdysfore gevoelens is vragen naar de onbekende weg. Want: wat willen we weten Bij iemand die niet twijfelt over de genderidentiteit is het simpel: zeg me op wie je valt en ik weet in welk hokje je hoort. Een gesprek met een transgender over seksuele identiteit zal zich meer moeten richten op de beleving van de seksuele relatie dan op de partnerkeus. Ik heb vaak gehoord van transseksuele vrouwen dat zij toen ze nog niet uit de kast waren een hekel hadden aan het ‘als man presteren’ en veel liever knuffelden en streelden. Een transseksuele man die na zijn transi- tie als homo leeft probeerde voordien zijn mannelijk partners bij zijn borsten weg te houden en nodigde hen stelselmatig uit voor anale seks hoewel hij geen idee had wat zijn gedrag betekende. Wat is de seksuele identiteit van de vrouw die bij haar partner blijft die van man naar vrouw verandert Bij paren die bij ons om hulp komen als het nieuws nog vers is hoor je keer op keer dezelfde conversa- tie: De oorspronkelijke vrouw: “Ja maar ik dan Ik ben toch niet lesbisch” De vrouw in wording: “Maak je maar geen zorgen want ik blijf echt dezelfde persoon”. Dat is natuurlijk zo vanuit het perspectief van de- gene die alleen maar meer zichzelf aan het worden is maar voor de partner is dat een volslagen ongeloof- waardige boodschap: het draait er toch juist om dat er een enorme verandering plaats gaat vinden Toch lukt het regelmatig. Ik heb grote bewonde- ring voor deze partners. Niet alleen moeten ze vaak lange tijd in onzekerheid leven en staat degene die verandert totaal in het middelpunt ook de druk van de buitenwereld is groot: Je blijft toch zeker niet bij hem Word je dan lesbisch Nou nee lesbisch wordt ze niet. En toch heeft ze een relatie met een vrouw. Misschien moeten we wel nieuwe woorden verzin- nen. Er is in Nederland heel weinig onderzoek gedaan naar seksuele voorkeur van transgenders. Onlangs is het onderzoek van Paul Vennix over transgenders en werk gepubliceerd Vennix 2010. Hij heeft redelijk grote groepen transgenders weten te bereiken via een online survey. Hoewel Vennix op zoek was naar hun werkervaring was een opvallend onderzoeksresultaat de verdeling van de seksuele voorkeur tabel 1 Ven- nix 2010 p.15. Vennix onderscheidt drie groepen: - Non–ops: transgenders die geen behoefte hebben aan een medische geslachtsaanpassing. - Pre-ops: transgenders die een geslachtsaanpas- sing wensen maar nog niet zo ver zijn. - Post–ops: transgenders na een geslachtsaanpas- sende behandeling. Omdat het een onderzoek naar transgenders en werk betreft zijn de hier gepresenteerde gegevens eigenlijk ‘ bijvangst’ ze worden door V ennix niet na- der onderzocht of bediscussieerd. Ik neem ze in dit artikel op omdat het een interessant beeld geeft van Tabel 1. Seksuele gerichtheid van zes groepen transgenders Seksuele gerichtheid in MV MV MV VM VM VM non-ops pre-ops post-ops non-ops pre-ops post-ops n 324 n 104 n 94 n 23 n 29 n 33 Alleen op mannen 1 7 13 4 14 12 Voornamelijk op mannen 3 7 14 22 7 18 Net zoveel op mannen 20 20 20 13 10 12 als op vrouwen Voornamelijk op vrouwen 36 29 29 22 24 12 Alleen op vrouwen 36 22 22 30 41 46 Op geen van beiden 3 2 2 9 3 0 MV man naar vrouw transgender VM vrouw naar man transgender non-ops geen geslachtsaanpassing pre-ops voor de gewenste geslachtsaanpassing post-ops na de geslachtsaanpassing Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160 158

slide 6:

de grote variatie in seksuele gerichtheid van trans- genders. Het is daarbij mijns inziens interessant om te zien dat driekwart van de MV transgenders die geen behandeling wensen seksueel voornamelijk of alleen op vrouwen gericht is terwijl dit bij de pre- en post-op groepen ‘maar’ voor de helft geldt. Wat betreft de VM transgenders is een kwart van degenen die geen behandeling wensen alleen of voornamelijk seksueel op mannen gericht en ruim de helft op vrou- wen. V oor de andere twee VM groepen zijn de cijfers nauwelijks anders. Kort samengevat geven zowel de transseksuele mannen als de transseksuele vrouwen in 50 van de gevallen een lesbische resp. homoseksuele voorkeur aan uiteraard gezien vanuit het ’nieuwe’ geslacht terwijl 72 van de MV non-ops en maar 26 van de VM non-ops een heteroseksuele voorkeur heeft. Inte- ressante gegevens die zeker nader onderzocht dienen te worden Puzzelstuk 10. Genderdysforie in de seksuologi- sche praktijk Deze bijdrage begon met de stelling dat seksuologen relatief veel met genderdysforie te maken krijgen. Toch zal menig seksuoloog de eerste cliënt die aan- geeft last te hebben van genderdysfore gevoelens nog tegen moeten komen. De eerste verklaring voor deze tegenstrijdigheid zit in het woordje ‘relatief’: hoewel wij nauwelijks met enige zekerheid uitspraken kunnen doen over het voorkomen van genderdysfore gevoelens in de Nederlandse populatie is het wel aannemelijk dat het een zeldzame aandoening 2 is en zal blijven. V an dege- nen onder hen die uiteindelijk hulp zoeken omdat zij onder deze gevoelens lijden zal maar een klein deel uitkomen bij of verwezen worden naar een seksuo- loog. Gelukkig kennen we in Nederland genderteams in Amsterdam bij het VUmc en in Groningen bij het UMCG gespecialiseerde hulpverlening bij vrijge- vestigde therapeuten sommige PsyQ-afdelingen en Transvisie Schorer en diverse zelfhulpgroepen zoals georganiseerd door de Patiëntenorganisatie Stichting Transvisie P.O.S.T. en de Transgendervereniging Nederland. De tweede verklaring is hier meer van belang: er bestaan goede redenen om aan te nemen dat een deel van de seksualiteitsvragen die in de seksuologische praktijk worden voorgelegd genderdysforie als ach- tergrond en mogelijke verklaring hebben zonder dat dit als zodanig wordt benoemd. Hier is geen weten- schappelijk onderzoek naar gedaan maar bij Trans- visie horen wij dit veelvuldig terug bij onze cliënten. Een cliënt vertelde dat ze destijds ze was voor de buitenwereld man en verkleedde zich in het geheim regelmatig om naar een relatietherapeut is gegaan met haar vrouw. Hij heeft niets kunnen vertellen over zijn grote geheim alleen aangegeven dat hij lingerie kocht in de hoop dat hier op doorgevraagd zou wor- den. De therapeut is op dat gegeven niet ingegaan. Achteraf zegt ze: hij zal gedacht hebben dat ik mooi ondergoed voor mijzelf kocht of dat ik opgewonden raakte van het voelen aan mooi vrouwenondergoed. Een gemiste kans Er is geen vaststaande set van signalen die nu typisch uitgezonden worden door mensen die gen- derdysfoor zijn maar daar nog niet voor uit durven komen. Bij Transvisie hebben wij die signalen ook niet hoeven te leren lezen omdat men niet voor niets juist contact met een centrum voor genderdiversiteit zoekt. Hieronder een aantal suggesties voor moge- lijke signalen met de nodige voorzichtigheid. - Iemand die grote moeite heeft een geheim prijs te geven maar toch door het geheim vast dreigt te lopen wil nog wel eens noodsignalen uitzenden. Geen duidelijke vraag of verhaal maar een klop- signaal. Vang mijn signaal alsjeblieft op Ik kan mij veel zinnen of terloopse opmerkingen voor- stellen die eigenlijk bedoeld zijn als klopsignaal: · Ik ben niet zo’n mannelijke man · Ik heb een enorme hekel aan mijn borsten · Hij/zij verlangt seksueel dingen van mij waar ik niet aan kan voldoen. Dit kan overigens ook een klacht zijn van de partner van een trans- gender · Ik was/ben altijd vreselijk jaloers op mijn broers/zussen · Wat ik wil kan toch niet. - Vage klachten kunnen natuurlijk om heel veel re- denen vaag zijn. Sluit genderdysforie als mogelij- ke oorzaak in elk geval niet uit zeker wanneer er sprake is van een gebrekkig lichaamsbewustzijn - Eenzijdige cognitieve ontwikkeling slecht li- chaamsgevoel neiging om solitaire bezigheden te hebben. 2 Ik spreek bij voorkeur van aandoening om te benadrukken dat genderdysforie als zodanig niet is te verminderen door een psychologische of psychiatrische interventie wel door een medische. 159 Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160

slide 7:

Tenslotte Het zal niet verwonderen dat ook na een geslachts- aanpassende behandeling of een coming-out als crossdresser of transgender vragen over seksualiteit kunnen blijven spelen. Vaak zoekt men in die fase juist hulp bij algemene voorzieningen in plaats van gespecialiseerd aanbod zoals van ervaringsdeskun- digen op te zoeken. Het is goed om in dat geval vrij- moedig over het veranderde lichaam opgroeien met genderdysforie en de ontwikkeling van de seksuali- teit te kunnen spreken en om hen te benaderen als een normale cliënt met een niet-alledaagse geschiedenis. Literatuur De Vries A.L.C . 2010. Gender Dysphoria in Adoles- cents Mental Health and Treatment Evaluation. Am- sterdam: VUmc. Vennix P. 2010. Transgenders en werk. Een onderzoek naar de arbeidssituatie van transgenders in Nederland en Vlaanderen. Utrecht: Rutgers Nisso Groep. Summary Women from Mars men from Venus This article is based on a lecture the author presented befo- re a group of sexologists. The author himself a transsexual man and a psychologist stresses the importance for sexo- logists working in a clinical situation to have some basic understanding of the infuence growing up with genderdys - foria has on bodily awareness and sexual development. Keywords: genderdysforia transgender transsexuality cross-dressing homosexuality. Trefwoorden: genderdysforie transgender transseksuali- teit cross-dressing homoseksualiteit. 160 Wormgoor Vrouwen van Mars mannen van Venus. TvS 2011 35-3 154-160 € 15- korting op het E-book Bestel voor 1 oktober Dit boek is bestemd voor de beroepsbeoefenaren die in de praktijk werken met mensen met seksuele problemen. Stapsgewijs wordt onderscheiden welke interventies bij welke klacht passend zijn. Elke stoornis bevat een beschrijving van de fenomenologie de prevalentie en incidentie en een overzicht van de somatische en psychologische etiologie. Daarna volgen de diagnostiek en de behandelingsmogelijkheden. Elk hoofdstuk biedt vervolgens een beknopt overzicht van de state-of-the-art: wat weten we over deze seksuele stoornis en wat behoeft verder onderzoek. Dit boek richt zich niet alleen op seksuologen maar is ook bedoeld voor gz-psychologen huisartsen urologen gynaecologen psychotherapeuten klinisch psychologen en zij die daarvoor in opleiding zijn. Seksuele disfuncties Diagnostiek en behandeling Verkrijgbaar via www.bsl.nl Seksuele disfuncties Jacques van Lankveld Moniek ter Kuile Peter Leusink ISBN 978 90 313 84013 E-Book 978 90 313 84020 € 3250 l E-book € 2920

authorStream Live Help